In een interview met het Brabants Dagblad geeft Rashid Novaire met een motto van de Antilliaanse schrijver Arion aan, wat hem drijft en wat de kern is van zijn schrijven: ‘Ik ben meer dan een product van mijn cultuur. Ik ben waar mijn moed en mijn daden me toe in staat stellen. Ik kan ontkomen aan de wanhoop.’
Novaires loopbaan begon met de El Hizjra Literatuurprijs voor proza en poëzie. Bij Uitgeverij De Geus debuteerde Rashid Novaire op zijn negentiende met de verhalenbundel Reigers in Caïro. Hij werd door de recensenten direct herkend als een talent voor de toekomst. Dat werd nog eens bevestigd toen hij finalist werd voor de NPS Cultuurprijs 2000. Stichting HalteProza koos Reigers in Caïro tot een van de beste boeken van 2000. Kort hierop schreef hij in opdracht de novelle Isak en de wolf. Rashid Novaire schreef artikelen, columns, en een scenario 'De straten van Mefta' in opdracht van de Nederlandse Filmstichting. Hiermee won hij de European Broadcasting Union prize. Daarnaast produceerde hij het hoorspel 'De cartograaf' voor de KRO en de eenakter 'De zwemmende hofdame' voor het Cosmic project Hollandse Nieuwe.
Ondertussen begon hij te denken aan zijn eerste roman: Maïsroest. Dat werk schreef hij voor een groot deel in het Duitse Bamberg, waar hij een klein jaar met een beurs van de Beierse staat in het Internationales Kunsterhaus Villa Concordia verbleef. Terug in Nederland verdiende hij onder meer de kost als gids voor buitenlandse toeristen die per fiets de hoofdstad willen verkennen. Hij was lid van de culturele programmaraad van het Rozentheater en hij volgde een masterclass bij het Maurits Binger Instituut, waar hij het scenario schreef voor de speelfilm 'Ike’s nature'.
Voor zijn volgende, epische roman Het lied van de rog (2007)verbleef Novaire een half jaar in China om research te doen. Zelf zei hij hierover: ‘Wat ik van de historische feiten weet, verweef ik in de plot. Maar de feiten zijn nooit een keurslijf, ik zal altijd kiezen voor het verhaal. Ik eigen me de feiten toe en lieg de waarheid.’ Na het verschijnen van de semi-autobiografische roman Afkomst (2008) verbleef Novaire vier maanden in Suriname, waar hij als gastdocent verbonden was aan de Hogeschool en schrijflessen gaf aan jonge gedetineerden in de Santo Boma-gevangenis in Paramaribo.
Lees meer over Rashid Novaire op zijn eigen website.