Lydia Davis

voorpublicatie

  • 17.10.2012
  • Jeroen van Kan
 

Binnenkort verschijnt bij uitgeverij Atlas Contact de verhalenbundel 'Varianten van ongemak' van de Amerikaanse schrijfster Lydia Davis. Aan de vooravond van die verschijning publiceren wij drie verhalen voor. Vandaag de eerste.

Egoïstisch

Het handige aan een egoïstisch mens zijn is dat als je kinderen zich pijn doen je dat niet zo erg vindt omdat jijzelf niets mankeert. Maar het werkt niet als je alleen maar een beetje egoïstisch bent. Je moet erg egoïstisch zijn. Dat zit zo. Als je alleen maar een beetje egoïstisch bent, doe je enige moeite voor hen, besteed je enige aandacht aan hen, hebben ze meestal schone kleren aan, zijn ze redelijk vaak netjes geknipt, al hebben ze niet alle schoolspullen die ze nodig hebben, of niet als ze die nodig hebben; je geniet van hen, je lacht om hun grappen, al heb je weinig geduld als ze stout zijn, ergeren ze je als je aan het werk moet en word je erg boos als ze erg stout zijn; je begrijpt iets van wat ze zouden moeten hebben, in hun leven, je weet iets van wat ze doen, met hun vriendjes, je stelt vragen, zij het niet erg veel, en niet voorbij een bepaald punt, omdat er zo weinig tijd is; dan begint de narigheid en merk je de tekenen ervan niet op omdat je zo druk bezig bent: ze stelen, en je vraagt je af hoe dat ding in huis komt; ze laten je zien wat ze hebben gestolen en als je vragen stelt, liegen ze; als ze liegen, geloof je hen, elke keer weer, omdat ze zo eerlijk lijken en het veel te lang zou duren om achter de waarheid te komen. Nou, als je egoïstisch bent geweest, is dit wat er soms gebeurt, en als je niet egoïstisch genoeg bent geweest, zul je daar later, als ze echt in de narigheid zitten, onder lijden, al zul je zelfs terwijl je lijdt, uit langdurige gewoonte, egoïstisch blijven en zeggen: Ik ben zo ten einde raad, Mijn leven is voorbij, Hoe moet ik verder? Dus als je egoïstisch wilt zijn, moet je egoïstischer zijn dan dat, zo egoïstisch dat hoewel het je spijt dat ze in de narigheid zitten, het je oprecht en diep spijt, zoals je tegen je vrienden en kennissen en de rest van de familie zult zeggen, je heimelijk opgelucht, blij, zelfs verrukt zult zijn dat het jou niet overkomt.